Isoleer de vloer van onderaf zonder de bestaande vloerafwerking te verwijderen.
Heb je een goed toegankelijke kruipruimte, dan kan de vloer vaak aan de onderzijde worden geïsoleerd. Bij vloerisolatie via de kruipruimte wordt het isolatiemateriaal tegen of tussen de onderzijde van de vloerconstructie aangebracht. Welke oplossing geschikt is, hangt af van het type vloer, de beschikbare werkruimte en de gewenste isolatiewaarde. Bekijk hieronder de mogelijkheden voor jouw vloerconstructie.







Voor vloerisolatie via de kruipruimte zijn verschillende isolatiematerialen mogelijk. Welk materiaal geschikt is, hangt vooral af van het type vloer, de beschikbare ruimte, de gewenste isolatiewaarde en de manier waarop het materiaal wordt bevestigd.
Bij een betonnen vloer worden vaak stijve isolatieplaten toegepast, terwijl bij een houten vloer flexibele isolatiematerialen tussen de balken een logische oplossing kunnen zijn.
EPS en PIR zijn harde isolatieplaten die in geschikte vloerconstructies aan de onderzijde van de vloer kunnen worden toegepast. Bij deze materialen zijn vooral de isolatiewaarde, plaatdikte, bevestigingsmethode en geschiktheid voor de specifieke vloerconstructie belangrijk.
PIR kan interessant zijn wanneer relatief veel isolatiewaarde binnen een beperkte dikte gewenst is. Bij EPS moet vooral worden gekeken naar het juiste producttype en de technische eigenschappen van de gekozen plaat.
Bij houten vloerconstructies kunnen glaswol en steenwol tussen de vloerbalken worden aangebracht. Door de flexibele of halfharde vorm kunnen deze materialen goed aansluiten binnen een balklaag.
Welke wol geschikt is, hangt af van de afmetingen van de constructie, gewenste isolatiewaarde en eventuele eisen aan de akoestische of brandtechnische prestaties van de volledige vloeropbouw.